Marknesse – De Lancaster Mk.III JA702 (GT-Z) stortte op 30 januari 1944 neer in de Noordoostpolder, iets ten noorden van Marknesse, op kavel N-33. Een herinneringspaal aan de Oosterringweg herinnert tegenwoordig aan deze tragische gebeurtenis.

De omgekomen bemanningsleden zijn: Jack Rule (28), Ken Ball (30), Ted Shorter (21), Jock Sloan (22) en Alan Race (22). Zij liggen begraven in Vollenhove. Bovendien worden ze herdacht op het ‘Monument voor Geallieerde Vliegers’ aan de Groene Zoom / Breestraat te Marknesse.

De crew van Rule was die bewuste zondag in 1944 om 17:08 uur opgestegen vanaf de Engelse basis Warboys en maakte deel uit van No. 156 Squadron R.A.F. Pathfinder Force Group No. 8. Nadat de bommenwerper rond 20:15 uur boven Berlijn de dodelijke lading had afgeworpen, kreeg men ten noorden van Hannover ‘bezoek’ van een Duitse nachtjager.

Bommenluiken
Daarbij raakten de bommenluiken beschadigd. Enige tijd later viel de jager opnieuw aan; deze keer met fatale afloop. Er brak brand uit. In eerste instantie kon piloot Rule zijn ‘kist’ met hulp van Shorter en Ball nog onder controle krijgen en gaf hij direct daarna het bevel: “springen!” De andere zes kregen niet eens de kans om adequaat te reageren. Het toestel spatte uiteen. Oblt. Hans-Heinz Augenstein (22) van 7./NJG1 claimt om 21:49 uur zijn ‘buit’.

Bill Cottam (22) en Paddy Coyne (29) hadden het geluk en besef om hun parachute te openen, enkele minuten later stonden ze in de drassige polderklei. Na 15 minuten kwamen de twee elkaar weer tegen. Van tien tot drie uur liepen ze in oostelijke richting, grotendeels op een pad langs één van de afvoertochten. Ze werden in een afgemeerde roeiboot ontdekt door drie jongemannen, twee van hen waren Ruud Arnoldi (25) en Paul Crielaard (19). Zij brachten hun ’bevrijders’ naar hun kamp, waarna ze verder werden geholpen. Dokter J. H. Jansen (31) verzorgde Cottam’s hoofdwond. Na een lang verblijf in Friesland en vrij kort in Noord-Brabant werden ze alsnog op 7 augustus 1944 in Antwerpen opgepakt. Beiden overleefden de oorlog, de overige families waren voor altijd getekend door het verlies van hun dierbaren.

Crewfoto
SGLO-lid en WO2-onderzoeker Teunis Schuurman (alias PATS) kreeg in 2009 een crewfoto van de dochter van Coyne. Op de achterkant stonden de namen. Dat was makkelijk zou je zeggen, ware het niet dat de namen Ken Ball en Charlie Evans bij Schuurman toch wat vraagtekens deden rijzen. De naam Ken Ball kon sowieso niet kloppen, allereerst niet qua tijdstip en vervolgens niet met de persoonlijke foto’s van Ball als bewijs. Charlie Evans kwam ook niet voor op de 24 bemanningslijsten voor crew Rule. Afgelopen maand verscheen de ‘cookie’-foto wederom op het netvlies van PATS. Tijd om eens te kijken wie nou de échte personen op die markante foto met het vliegtuig ‘K2’ waren.

Manley en Reeves van de oorspronkelijke crew (augustus-september 1943) waren de eerste kandidaten. Manley’s neef en een nicht van Reeves werden binnen twee weken benaderd, zij leverden het bewijs dat in 2009 al door mij werd bevroed. Ken Ball was Jack Manley, terwijl Charlie Evans met zijn voornaam in de buurt kwam. Het was Charlie Reeves afkomstig uit Chepstow, Wales. Sgt. Frederick John ‘Jack’ Manley (20), afkomstig uit Bristol in het zuidwesten van Engeland, vloog op 24 december 1943 met een andere bemanning; zij keerden nooit weer terug en zijn nog steeds vermist.

Flt. Lt. Charles ‘Charlie’ William Reeves DFC (21) zag menigeen rondom hem verdwijnen. Na het volbrengen van zijn eerste tour (32 missies) ging Charlie in 1944 voor de tweede tour. De navigator uit Wales werd na 41 missies op 11 september 1944 het zoveelste slachtoffer van het oorlogsgeweld en ligt tegenwoordig begraven in het Reichswald Forest War Cemetery te Kleef, Duitsland

Voltreffer
Jack stuurde een foto met tekst naar z’n zuster Joan Manley (24). “All the Best. To Joan.” Dit unieke exemplaar gaf de oplossing, op de achterkant stonden namelijk alle namen getekend in hun persoonlijk handschrift. Een ‘voltreffer’ voor onze speurder die sinds 2006 al menig puzzelstukje legde in dit onderwerp. De foto is van eind augustus 1943 en genomen op de Engelse basis Elsham Wolds, No. 103 R.A.F. Lancaster Mk.I W4337 (UL-K2), waarmee ze zes keer op pad zijn geweest naar Italië en Duitsland, staat op de achtergrond.

Puzzel opgelost? Voor wat betreft de crewfoto is dat zeker gelukt, maar wie was de derde persoon in gezelschap van Ruud Arnoldi en Paul Crielaard? Welk kamp? Waar lag de roeiboot van Arnoldi en consorten? Is de Ier Pat Coyne geboren in 1912 of 1914? Contact leggen met de familie Shorter/Norcutt voor een betere foto van Ted. Werd er die nacht gericht gezocht of was het een toevallige ontdekking?

Wachtmeester der Marechaussee Hermans, destijds (begin 1944) gedetacheerd in Kamp Emmeloord II, wordt 10 februari 1946 in de vragenlijst van dokter J. H. Jansen genoemd als persoon die het transport van Cottam en Coyne voor buiten de polder regelde. Is de naam Hermans wel juist? In hetzelfde schrijven staan ook de namen van Engel Sap, Beerta (Gr.) en Muller, opzichter bij de Firma Kingma.

Volledige artikel en foto’s te vinden op www.flevopost.nl dd 22 oktober 2018


Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.