Bulletin 035 Vliegveld Volkel deel 2
Door de “groep Volkel”, coördinator H. Talen

Gevechten…
Op 30 november 1943 om 18.00 uur maakte een Duits eenpersoonsvliegtuig, opgestegen te Schiphol, een geslaagde noodlanding (SGLO R0727) in dezelfde gemeente, bij het gehucht Lee. Het toestel was op een verkenningsvlucht en op weg naar Volkel. De vlieger bleef ongedeerd en het toestel werd gedemonteerd en overgebracht naar Volkel. Eveneens stortte een Duitse jager (eenpersoons) (SGLO ????) neer op 15 maart 1944 te 12.30 te Vorstenbosch, bij het gehucht Brakken. De vlieger verliet het toestel tijdig en landde per parachute. Bij de landing verwondde hij zich aan zijn been. In de lucht verloor hij al een laars. Door personeel van de Duitse uitkijkpost Bedaf werd hij opgehaald. Hij was, zo vertelde hij, met zijn jager meegevlogen achter Geallieerden vliegtuigen vanaf Dortmund. Door ijsafzetting was zijn toestel echter onbestuurbaar geworden en daarom was hij er uitgesprongen. Te Dortmund lagen op dat moment I/JG 1 en de Sturmstaffel van dit Geschwader, dus bovengenoemd toestel zal wel van JG 1 geweest zijn.

Geallieerden aanvallen…

De Geallieerden hielden zoals we al berichtten – de aktiviteiten – op Volkel scherp in het oog en gooiden er af en toe een paar bommen. Op 13 oktober 1941 werden er lichtfakkels boven het veld uitgeworpen en drie explosies gehoord om 05.05 uur. In de nacht van 25 op 26 juni 1942 was er een grote aanval op Bremen. Bostons van No. 88, 107 en 226 Squadron deden gelijktijdig Intruder-aanvallen op geslecteerde jager-velden. Ook Mosquito’s van No. 105 Squadron en 139 Squadron vlogen mee. De Bostons gingen naar Gilze-Rijen, Volkel, Haamstede, Leeuwarden en Bergen. De Mosquito’s naar Schlesweig en Stade. Blenheims brachten een bezoek aan Venlo, Twente, Eelde en Leeuwarden. De Boston-raids verliepen zoals gepland. No 88 Squadron stuurde negen vliegtuigen, in formaties van drie, naar Gilze-Rijen, Volkel en Haamstede en allen vielen hun doelen aan.

Sgt. Hughes vloog over Volkel op 200 ft. en bombardeerde de startbaankruising en de rolbaan om het vliegveld. Vliegveldbranden waren te zien op 20 mijl afstand. Eén van de Bostons boven Volkel was de Z2211. Op 6 december 1942 zou deze zelfde kist als RH-? meedoen aan de aanval op Philips-Eindhoven. O.a. op 31 juli, 29 augustus en 2 oktober van dat jaar werd de basis door verkennings-vliegtuigen onder de loupe genomen. Op 26 maart 1943 vielen er om 21.50 uur brandbommen op het veld. Typhoon-jages van No. 609 Squadron waren boven het veld op 4 december 1943 (boven Eindhoven werden 2 van de 14 Do 217’s neergeschoten) en een maand later, op 4 januari 1944, te 15.00 uur waren ze er weer. Toen vloog No. 609 Squadron en 198 Squadron ook door naar Gilze-Rijen. De Amerikanen deden op 8 maart 1944 om 11.45 uur een aanval met 96 ? B-26 Marauders en jagers. Op Volkel en Soesterberg werden die dag ruim 3.000 bommen afgeworpen. Op Volkel vielen – naar onze berichtgeving – 10 doden aan Duitse kant en verloor één burger het leven. Tijdens de aanval werd ook een Duits vliegtuig neergeschoten. (SGLO T3523) De vlieger kwam hierbij om het leven.

Belangrijk…
Na dit bombardement werden tientallen burgers uit de omgeving gedwongen om op het veld de kraters te dichten. Dat het vliegveld als een belangrijke gevechtsbasis werd gezien, blijkt wel uit het feit dat men de naam van Volkel veelvuldig tegenkomt in de O.R. Books van het P.R.O. in Londen. Meestal werd het veld tegelijk met Eindhoven en Venlo aangepakt. Op 30 maart 1944 ‘strafen’ P-47’s van de 78ste Fighter Group de basis Volkel. (Fly-in Overflakkee at 15.27 hrs, outcross at Walcheren 16.25 hrs. at 10.000 – 15.000 ft). Een Spitfire van No. (Nederlandse) 322 Squadron naderde op 19 mei 1944 Volkel op 3.000 ft, de FLAK schoot echter mis. Van No. 322 namen die dag Kuhlmann, Meyers en Jonker deel aan een fighter sweep over Oostende, Antwerpen, Volkel en Rotterdam.

Fransje…
In die jaren ontstond rond de basis de legende van het Vrolijk Fransje, ook wel ‘t Gekke Fransje genoemd… Volgens de één was het rond negen uur, volgens de ander om kwart voor twaalf ‘s nachts dat steeds weer één enkel vliegtuig op grote hoogte aan kwam brommen. Het gooide dan een lichtfakkel uit, even later gevolgd door één of twee bommen. Men is er zelfs nu nog van overtuigd (stellig) dat dezer aanvaller een Nederlander is geweest! Het lijkt mij aannemelijk dat we de vliegers, die deze nachtelijke aanvallen vlogen, moeten zoeken in de rijen van de RAF Intruder Squadrons die met Mosquito’s Bostons en Beaufighters vlogen. In de periode van 1943 t/m 1945 (mei) werden Gilze-Rijen, Deelen, Twente en Volkel ‘s nachts meer dan 50 maal aangevallen door Mosquito’s. Voor Steenwijk en Venlo bedroeg het aantal hier bedoelde aanvallen echter meer. Voordat het No. 23 Squadron in december 1942 naar Malta werd overgeplaatst vloog dit Squadron o.a. verschillende Intruder missies tegen de basis Volkel. Eén van hun Mosquito’s, de DD677, (SGLO T1729) stortte 29 juli 1942 te Haps neer. De beide inzittenden, pilot Hawkins en Observer Gregory, kwamen hierbij om het leven en werden te Uden begraven op het z.g. Engelse kerkhof. Op het Gemeentelijk kerkhof (Oorlogskerkhof) liggen nu nog 261 bemanningsleden begraven. Daarvan kwamen er o.a. 115 uit Lancasters, 59 uit 14 Halifaxen, bij de Lancasters is dit getal 19, 31 uit 7 Wellingtons en 26 uit 4 Stirlings. In totaal liggen er crews uit 14 verschillende vliegtuigtypen; Lancaster, Halifax, Stirling, Whitley, Hudson, Hampden, B-17, C-47, Mosquito, Typhoon, Tempest, Spitfire, Auster en Waco. Eén airman van de RAF ligt er nu nog steeds als onbekend begraven!

Tragisch
Het eerste Geallieerde vliegtuig, waarvan de crew te Uden werd begraven, stortte in juni van het jaar 1941 neer (SGLO T1048). In de nacht van 11 op 12 juni om 02.05 uur werd waargenomen dat boven Uden een jager vuurde op een Geallieerde bommenwerper. men zag de laatste in brand staan en naar beneden vallen. Eén parachutist werd gevangen genomen te Bedaf. Het aangeschoten toestel, een Wellington van No. 99 Squadron, viel bij Zevenbergsche Huis in de Gemeente Schayk. Vier bemanningsleden kwamen om het leven, t.w. Barron, Beattie, Hibbin en Reid. Zij werden te Uden begraven. Reid werd pas op 23 juli 1941 dood in een korenveld bij Nistelrode gevonden. Bij de landing leefde hij nog, maar hij moet zijn overleden aan de gevolgen van een schotwond in de schouder, opgelopen in het vliegtuig. Totaal werden er 2 bemanningsleden krijgsgevangen gemaakt.

De tweede crew die te Uden werd begraven was die van een Hampden (AD735) (SGLO T1093) van No. 106 Squadron. Deze kwam op 7 juli 1941 in de Gemeente Heesch neer. Hierbij kwamen drie bemanningsleden om t.w. Botsford, Hudson en Tait. Eén (Watherspoon) werd gevangen genomen. De derde crew behoorde tot No. 35 Squadron en stortte om 00.02 uur neer met de Halifax L9521 (SGLO T1097) op een huis te Mook; dat was op 9 juli 1941. Drie bemanningsleden werden te Uden begraven, t.w. Parkes, Coleman en Hammond. Vier werden gevangen genomen. In het getroffen huis kwamen ook vier burgers om het leven. Diezelfde nacht was er ook een luchtgevecht boven Uden van 02.15 t/m 03.33 uur. Ook vlogen er veel vliegtuigen boven het dorp en dikwijls werden er schoten gehoord. Een Stirling van No. 15 Squadron volgde dat jaar op 8 augustus te Overasselt met 7 doden (SGLO T1167) en een Whitley van No. 51 Squadron op 19 augustus bij Malden met drie omgekomen bemanningsleden (SGLO T1209). In 1941 werden er dus nog ‘maar’ vijf crews begraven. Maar het jaar daarop zouden het er al 21 zijn en in 1943 was dit aantal verdubbeld. Op 24 juni 1944 worden er op één dag zelfs 18 vliegers begraven, een triest record. Vreemd is dat er van 21 augustus 1941 tot 10 maart 1942 niemand werd begraven en hetzelfde was het geval in de periode van 24 december 1943 tot 29 mei 1944.

Op 19 september 1942 woedde er weer een luchtgevecht boven Uden van 19.25 tot 19.50 uur. Drie vliegtuigen werden op grote hoogte waargenomen. In de omgeving vielen er echter op die datum geen vliegtuigen. Het eerste Geallieere toestel dat in de Gemeente Uden zelf neerkwam was een Wellington. Volgens de Luftwaffe kwam dit toestel neer op 2 km N.NO. van Uden. Dit is echter niet juist, want de crash plaats was aan de Munterweg gelegen, tussen Hulst en Eikenheuvel, in een weiland toebehorende aan de heer L. v.d. Akker. En deze lokatie is Z.ZW. van Uden. De Wellington kwam volgens de Luchtbeschermingsdienst neer om 01.23 uur. Het toestel raakte bij het neerkomen enkele bomen. Vijf bemanningsleden werden gevangen genomen, waarvan twee door verraad op de Hoogstraat in een schuur en één te Bedaf. (SGLO T1826B 10/11 september 1942)

Het tweede Geallieerde toestel dat te Uden viel, was eveneens afkomstig van de RAF, ook een Wellington van No. 419 Squadron. Op 2 oktober 1942 om 22.15 uur kwam deze kist naar beneden op 1 km Oostelijk van het gehucht Oosterens. Slechts één man (Nelan) wist zich per parachute te redden. Hij werd bij Odiliapeel licht gewond gevangen genomen. De vijf overige bemanningsleden werden te Uden begraven (Morlidge, Stowe, Stuart, Prica en Sveinson). Zij sprongen op te lage hoogte en hun chutes openden zich niet meer. (SGLO T1862)

Nadien kwam nog één zware bommenwerper van de RAF in de Gemeente Uden neer. Dit was een Halifax van No. 35 Squadron. Deze viel op 22 juni 1943 – volgens de luchtbeschermingsdienst om 01.51 uur. De kist kwam, nog voorzien van zijn bommenlading, neer bij het gehucht Eikenheuvel, Zuidelijk van Uden. Vier bemanningsleden kwamen om het leven in of bij het brandende wrak, t.w. Barrie, Capon, St. John en White. Het toestel werd door een nachtjager neergeschoten. De bemanning was nog bezig het toestel te verlaten toen het tegen de grond sloeg. Eén man bleef met zijn parachute aan de staart hangen en een ander kwam nog met zijn parachute dicht, bij het wrak neer. Minstens twee man wisten het toestel tijdig te verlaten. Toegesnelde omwonenden zagen geen kans het brandende wrak binnen te komen omdat één van de bemanningsleden beklemd zat tussen de verwrongen deur. Men moest toezien hoe de om hulp gillende inzittenden om het leven kwam in de vlammen… De Duitsers lieten later de bommen ontploffen. (SGLO T2495).

Op de vliegbasis Volkel viel tenslotte nog de Lancaster LM474 van No. 101 Squadron neer op 17 juni 1944. Maar de plaats waar dit toestel neerkwam behoort waarschijnlijk tot de Gemeente Zeeland. De Luftwaffe gaf als crashlokatie Eikenheuvel, maar dit is onjuist. Van de crew werden er 5 begraven te Uden (Welch, James, Adair, Winder en Ireland). De laatste werd pas ruim een maand later, gevonden in een korenveld. (SGLO T3809)

Escapeline…
In het dorp Erp, op enkele kilometers afstand van het vliegveld Volkel gelegen, verboren de heren Harry en Gerard Otten en hun zusters Antoinette en Thea in hun huis totaal 51 Geallieerde vliegers… Zij maakten gebruik van 4 verschillende escapelines om deze vliegers verder op weg te helpen. De eerste vlieger kwam bij hen op 10 april 1943, dit was St. Sgt. Archibald Cowe, wiens Lancaster op 9 april 1943, te 23.22 uur neerstortte te Teeffelen. Vier bemanningsleden kwamen daarbij om het leven; zij werden te Uden begraven op 12 april 1943. (SGLO T2186)

Die dag werden daar ook de zeven bemanningsleden begraven van de Lancaster ED806 van No. 9 Squadron, die op 9 april 1943 te Klein-Wijk (Nistelrode) neerkwam. (SGLO T2185)

Hangars…
Op de basis Volkel worden drie types hangers gebouwd, namelijk Deisels, Rabits en Schreuders. Elke aannemer bouwde zijn eigen type. De firma Deisels was afkomstig uit Dusseldorf. Uit Oldenzaal en Uithoorn waren er ook firma’s aan het werk; dit uit Oldenzaal was waarschijnlijk de firma Reef, die op bijna alle Nederlandse vliegvelden opdrachten uitvoerde v.w.b. start- en rolbanen. Het Deisel-type hangar werd o.a. gebouwd met 4 of 9 spanten. De oude Duitse hangar, die momenteel nog op het veld staat aan de Z.O. zijde is er zo een met 8 spanten. Deze is 43,50 meter breed en 27,50 meter lang. Was waarschijnlijk in gebruik als zogenaamde Werfthalle waar de grotere reparaties aan de vliegtuigen worden verricht. Ze waren voorzien van een dak van mastiek en muren met steunberen. Achter de 4 spants Deisel werden soms vrij grote bijgebouwen opgetrokken. De Rabits werden in boerderij-stijl gebouwd en dus voorzien van een pannedak. De betonnen constructie die momenteel nog in een weiland aan de Zeelandse dijk staat, is een overblijfsel van zo’n Rabit hangar. Aan deze weg stonden drie hangars naast elkaar. Van het derde type werden er maar twee gebouwd, mogelijk op het Noordelijke complex. Dit waren hangars met een halfrond dak van een stalen constructie. Totaal waren er 42 hangars, waarvan er 18 op het complex aan de Zeelandse dijk, 12 aan de Z.O. zijde en 12 aan de Noordelijke zijde van het veld. Aan de Oostelijke zijden van het veld, tussen de hangars en ook in/aan de appelboomgaard begon men in 1944 te bouwen aan enkele V-1 lanceerbanen…

(Disclaimer: Dit betreft een oud artikel uit Bulletin, het kan zijn dat de informatie in dit artikel inmiddels achterhaald is of onjuist is gebleken.)


1 Comment

Jan Uittenbogaard · 31 July 2018 at 15:18

Als tijdverdrijf teken ik in het 3d tekenprogramma Sketchup o.a. de grote en kleine “Gefechtsstand” bunkers van de van de Duitse vliegvelden in Nederland. Als basis gebruik ik hiervoor tekeningen die na 1945 door het Bureau Registratie Vestingwerken (BRV) zijn gemaakt. Echter, van het Fliegerhorst de Peel (of Volkel) ontbreken van de grote gevechtsbunker en de bijbehorende verkeerstoren de tekeningen. Als deze informatie binnen jullie groep wel beschikbaar is zou ik er graag gebruik van maken om ook voor Volkel de 3d tekeningen zo goed mogelijk te maken.
Een aantal van de bunkers die al klaar zijn kunt u op internet bekijken, onder “3dwarehouse utb1942”.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.